De normale situatie

Het spijsverteringskanaal is een aaneenschakeling van verschillende organen. Het is er helemaal op gericht om voedsel wat via de mond binnen komt af te verteren. Wat niet wordt verteerd (vooral vezels) blijft achter en wordt uitgescheiden via de ontlasting.

GastroIntestinaalSysteem.png

Via de slokdarm komt het voedsel eerst in de maag terecht. Hier wordt het gemengd met de maagsappen, het maagzuur. Eenmaal in de twaalfvingerige darm komen vervolgens het gal (uit de galblaas) en het alvleeskliersap (uit de alvleesklier) erbij. Het gal zorgt ervoor dat vetten worden afgebroken, het alvleeskliersap en de maagsappen voor de afbraak van de rest.

De meeste voedingsstoffen worden vervolgens als kleine deeltjes in de dunne darm opgenomen. In de dikke darm wordt voornamelijk het vocht opgenomen waarna de ontlasting overblijft.

Om ervoor te zorgen dat alles de juiste kant op gaat, kneden de darmen (ook de slokdarm) het voedsel naar beneden richting de anus. Dit gekneed wordt een 'peristaltische beweging' of 'peristaltiek' genoemd.

De slokdarm zelf is als een soort 'stortkoker' loodrecht naar beneden. Om te zorgen dat het voedsel en maaginhoud niet de verkeerde kant op kan bevinden zich op een paar plekken kleppen en kringspieren in het spijsverteringsstelsel. Op de overgang van de slokdarm naar de maag vinden we de eerste klep. Deze wordt de onderste slokdarm kringspier (LES) genoemd. Verderop bij de overgang van de maag naar de twaalfvingerige darm bevindt zich een andere kringspier, de pylorus. 

De kringspier bij de overgang van de slokdarm naar de maag is niet alleen belangrijk om het voedsel tegen te houden, maar ook het maagzuur. 

GEJ.png

Het tegenhouden doet de kringspier niet alleen. De opening in het middenrif waardoor de slokdarm naar beneden gaat is klein. Dit drukt op de slokdarm, precies op de plek waar zich ook de kringspier bevindt. Ook klapt een kleine plooi van de maag (als een soort klepje) tegen de opening aan als de druk in de maag te hoog wordt.

Als een of meerdere mechanismen zijn verstoord kan het maagzuur naar boven stromen en klachten veroorzaken.


Maagzuur

Maagzuur bestaat vooral uit zoutzuur (zoutgeest). Dit zuur is een van de zuurste zuren die in de natuur voorkomt. Het maagzuur (pH 1,5 tot 3,5) is nog zuurder dan bijvoorbeeld cola of citroensap (pH 3). En komt in de buurt van accuzuur (pH 1).

Het maagzuur heeft een paar belangrijke taken in het lichaam. Het zorgt ervoor dat schadelijke bacteriën worden vernietigd en niet verder het lichaam in komen. Daarnaast helpt het ook mee bij het afbreken van het voedsel in de maag. Het zuur zelf breekt met name eiwitten af en stimuleert de maagenzymen die beter werken in een zure omgeving.

Om ervoor te zorgen dat alléén het voedsel wordt verteerd en niet de maagwand zelf of de darmen, moeten deze zichzelf beschermen. De maagwand is beschermd door een dun laagje slijm wat het zuur tegen houdt. In de twaalfvingerige darm wordt het maagzuur onschadelijk gemaakt door het alvleeskliersap.

 
pH-schaal.png